Vlak voordat Elly overleed, hadden we afgesproken dat ik haar eindelijk weer eens zou ophalen na een lange periode. Corona had ervoor gezorgd dat we haar het jaar daarvoor nauwelijks hadden gezien. Elly was al jaren broos en we waren altijd bang haar aan te steken, met mogelijk fatale gevolgen. Toen ik haar belde voelde ze zich niet lekker, maar we spraken af dat we haar na een week opnieuw zouden bellen. Dan zouden we eindelijk weer samen dineren en bijpraten. We keken er allebei naar uit.
Ik had ook plannen om haar mijn sjaals te laten zien en haar aan te bieden haar trots, haar pioenroos op stam, te vereeuwigen op een sjaal in één van haar favoriete kleuren, roze.
Helaas is onze afspraak er niet meer van gekomen. Enkele dagen later overleed ze.
In de maanden daarna nam de familie de tijd om haar huis zorgvuldig op te ruimen. Toen ik hoorde dat haar pioenroos in de tuin zou achterblijven, heb ik gevraagd of ik die mocht uitgraven. Het idee dat de plant zou blijven staan en misschien door een volgende bewoner verwijderd zou worden, vond ik geen fijne gedachte. Elk jaar, zodra de pioenroos in bloei stond, trok Elly me haar tuin in en telden we samen de grote knoppen. Ze stond dan naast me met hoge gilletjes van enthousiasme wanneer we weer een nieuwe knop ontdekten.
Op een zaterdagochtend hebben we de pioenroos uitgegraven. Een flinke klus, alsof ze haar tuintje niet wilde verlaten. Al vroeg in juli merkte ik dat de plant het zwaar had. Het ene blad na het andere hing slap. Toen ik in de zomer en het najaar dacht dat ze het niet zou redden, heb ik snel wat bladeren tussen kranten bewaard. Zo kon ik toch de sjaal maken die ik ooit voor Elly in gedachten had, om die aan iemand speciaal te schenken.
Meerdere keren heb ik stilletjes tegen Elly gepraat, met het verzoek haar pioenroos nog een kans te geven. Maar ver in het najaar stond de struik er troosteloos bij. Afgebroken takken toonden geen enkel teken van leven. Ik had de moed bijna opgegeven, maar kon het nog niet over mijn hart verkrijgen om haar te verwijderen.
Tot ik in februari, tijdens één van mijn eerste rondjes door de tuin, ineens kleine knoppen zag verschijnen. Nieuwe bladeren. Ik stond ernaast te jubelen. Misschien zal ze dit jaar nog niet bloeien, maar voor het ecoprinten heb ik alleen het blad nodig. Ze krijgt alle tijd om weer tot volle bloei te komen, al duurt het jaren. Onze Elly, want zo heet de pioen inmiddels, krijgt de ruimte en onze zorg.
De bladeren die ik nog had bewaard, heb ik verwerkt in een nieuwe sjaal. Ik had al twee maanden niet geprint en merkte dat de oude beits de verf minder goed liet hechten aan de zijde. Toch gaf dat een verrassend mooi effect. Hier en daar ontstond een subtiel marmerpatroon. Achteraf had ik bijna spijt dat ik het restje oude beits heb weggegooid. Ik had er nog meer mee willen experimenteren. Maar zulke toevalligheden dienen zich vast opnieuw aan, misschien na een volgende lange printpauze.
Deze sjaal gaat naar iemand die heel speciaal is voor Elly!
Gebruikte bladeren: pioenroos (van Elly), enkele takjes uit een boeket









Geef een reactie